blog_omgevingsrecht_windmolen-op-zeeOp 23 april jl. heeft de Minister van Infrastructuur en Milieu de “Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) ten behoeve van de Rijksstructuurvisie Windenergie op Zee Aanvulling gebied Hollandse Kust” aangeboden aan de Tweede Kamer. Daarmee is de volgende stap gezet in de ontwikkeling van windparken op zee.

Het kabinet heeft drie gebieden aangewezen waar de komende jaren windparken op zee worden ontwikkeld. Het betreft de gebieden Borssele, Zuid-Hollandse en Noord-Hollandse Kust. Met deze aanwijzing wordt het doel uit het Energieakkoord om meer windenergie op zee op te wekken, zo goedkoop en zo snel mogelijk gehaald.

De hiervoor genoemde gebieden zijn aangewezen in het Nationaal Waterplan 2016-2021 en hebben met elkaar gemeen dat ze buiten de 12-mijlszone liggen. Gebleken is dat de twee aangewezen gebieden bij de Hollandse Kust net te klein zijn voor het realiseren van standaardplatforms. Het kabinet wil daarom een smalle strook tussen de 10 en 12 nautische mijl aan deze gebieden toevoegen. Een uitbreiding van deze gebieden kan alleen plaatsvinden binnen de 12-mijlszone, omdat de gebieden aan de andere kant worden begrensd door scheepvaartroutes en andere belemmeringen.

Het aanwijzen van de strook binnen de 12-mijlszone verloopt via de “Rijksstructuurvisie Windenergie op Zee Aanvulling gebied Hollandse Kust”. Deze structuurvisie vormt een partiële herziening van het Nationaal Waterplan 2016-2021. Ter voorbereiding op de Rijksstructuurvisie wordt een planMER opgesteld waarin de milieu-effecten worden onderzocht van windturbines binnen de 12-mijlszone. De NRD biedt de afbakening van het planMER en geeft aan welke milieu-effecten exact worden onderzocht en hoe het onderzoek wordt vormgegeven.

Bron: Tweede Kamer, vergaderjaar 2014-2015, 33 561, nr. 16.

Share This