Plantgezondheid is van wezenlijk belang voor de duurzaamheid, biodiversiteit, ecosystemen en voor de economische positie van land-, tuin- en bosbouw. De met dit doel in het leven geroepen Europese regelgeving bleek in de loop der jaren steeds minder toereikend. Om gewassen optimaal te kunnen beschermen, bleek behoefte aan een beter controlesysteem voor bijvoorbeeld gewasbeschermingsmiddelen en een effectiever functionerend sanctiestelsel. Om die reden is de Europese regelgeving ingrijpend veranderd en ligt naar aanleiding daarvan nu ook het wetsvoorstel Plantgezondheidswet voor. Dit wetsvoorstel en de memorie van toelichting zijn door het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) opengesteld ter consultatie. Tot 2 april 2018 mag u over de daarin voorgestelde instrumenten meedenken.

Toenemende globalisering en klimaatverandering

Gezonde zaden en gezond teeltmateriaal zijn essentieel voor gezonde gewassen en voedselzekerheid. Bij bomen en struiken is bescherming van de plantgezondheid van belang voor het behoud van bossen, landschappen en de openbare en particuliere groene ruimte. De plantgezondheid kan echter ernstig worden bedreigd doordat als gevolg van de toenemende globalisering van de handel ,schadelijke organismen uit andere werelddelen de Europese Unie binnenkomen en zich verspreiden. Bovendien vormt de klimaatverandering een steeds groter risico dat (nieuwe) schadelijke organismen op het grondgebied van de Europese Unie kunnen overleven en gewassen en ecosystemen hiervoor kwetsbaarder worden. Dat kan grote gevolgen hebben. Gewassen moeten worden vernietigd en gewasbeschermingsmiddelen moeten worden ingezet; er zijn hoge bestrijdingskosten, minder opbrengsten en economische verliezen voor land-, tuin- en bosbouw. Ook exportbeperkingen door handelsverboden die derde landen uitvaardigen zijn reëel. Het bestaande regelkader bleek in de loop der jaren steeds minder toereikend om aan deze ontwikkelingen het hoofd te bieden. Dit leidde ertoe het Europese plantgezondheidsstelsel meer de nadruk te laten leggen op ‘voorkomen’, zodat in een later stadium minder ingegrepen zou hoeven worden met bijvoorbeeld bestrijdingsmiddelen  of kostbare controlemaatregelen.

Het wetsvoorstel Plantgezondheidswet

Aanleiding voor het wetsvoorstel Plantgezondheidswet is de aanpassing van het Europese plantgezondheidsstelsel met de vaststelling van de Europese Plantgezondheidsverordening (EU 2016/2031) en de Europese Controleverordening (EU 2017/625). Deze bevatten een scala aan instrumenten die kunnen worden ingezet om de plantgezondheid te beschermen. Bijvoorbeeld de afgifte van certificaten en plantenpaspoorten en maatregelen om de handel, teelt, oogst en gebruik van planten waar nodig te beperken. Zowel de Verordening als de Controleverordening hebben met ingang van 14 december 2019 een rechtstreeks bindende werking in Nederland. Dat betekent dat het merendeel van de artikelen vanaf dat moment automatisch deel uitmaakt van de nationale rechtsorde. In het wetsvoorstel Plantgezondheidswet zijn dan ook alleen die bepalingen opgenomen die zien op de implementatie van dit Europese regelkader in de nationale wetgeving of die in aanvulling op de Europese regels noodzakelijk zijn. Het gaat daarbij onder meer om het creëren van de wettelijke grondslag in de Landbouwkwaliteitswet en de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Wgb), om in het kader van toezicht en handhaving een bevoegde autoriteit of controlerende autoriteit te kunnen toewijzen. Daarbij wordt de bevoegdheid voor het opleggen van een bestuurlijke boete bij overtreding door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) geïntroduceerd. Ook regelt het wetsvoorstel de etikettering van biologische producten en het gebruik van beschermde oorsprongsbenamingen, beschermde geografische aanduidingen en gegarandeerde traditionele specialiteiten.

Gevolgen voor burgers, bedrijven, overheid en milieu

De nieuwe wetgeving heeft onder meer gevolgen voor ondernemers en organisaties die werkzaam zijn in de land- en tuinbouwsector. Het gaat vooral om producenten en handelaren (importeurs en exporteurs) van planten en plantaardig materiaal, maar te denken valt ook aan beheerders van de openbare en particuliere groene ruimte. Ook ondernemers die te maken hebben met (handel in) plantaardig materiaal zijn betrokken, bijvoorbeeld ondernemers die gebruik maken van houten verpakkingsmateriaal. Verder zijn er, vanwege de gestelde regels met betrekking tot de binnenkomst en verspreiding van planten en plantaardig materiaal, gevolgen voor burgers die planten of plantaardig materiaal willen binnenbrengen binnen de Europese Unie.

Onderhavig wetsvoorstel vormt nog maar het begin van een nieuw stelsel rondom plantgezondheid. Op Europees niveau moeten nog gedelegeerde handelingen en uitvoeringshandelingen worden uitgewerkt en aangenomen. Het wetsvoorstel Plantgezondheidswet betreft daarom een kaderwet. Nationaal zal de implementatie van specifieke maatregelen nog plaats moeten vinden in een algemene maatregel van bestuur (AMvB) en in ministeriële regelingen.

Share This