De wetswijziging op de Crisis- en Herstelwet (Chw) die minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) op dinsdag 19 maart 2018 naar de Eerste en Tweede Kamer stuurde, introduceert drie nieuwe innovatieve duurzame experimenten. Eén daarvan, opgenomen in onderdeel C van het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet (Bu Chw), maakt het voor een zestal gemeenten mogelijk om strengere energie-eisen te stellen aan nieuwbouw.

Differentiatie tussen gemeenten

Het gaat om de gemeenten Amsterdam, Enschede, Giessenlanden, Leusden, Zaanstad en Zuidhorn. Zij mogen, in afwijking van artikel 5.2 van het Bouwbesluit 2012, voor bepaalde gebieden een energieprestatiecoëfficiënt (EPC) van 0,2 of minder verlangen voor nieuw te bouwen woningen. Hoe hoger de EPC is gesteld, hoe minder streng de norm. Op dit moment geldt er een minder strikte norm van 0,4. Dit experiment geeft ruimte aan de lokale duurzaamheidsambities van deze gemeenten. Onontbeerlijk, nu er na de economische crisis weer meer woningen zullen worden gebouwd waarvan de nieuwe gebruiksfuncties zo duurzaam en innovatief mogelijk moeten worden ingestoken. In het Regeerakkoord is immers afgesproken dat in ieder jaar van de kabinetsperiode 50.000 woningen “aardgasloos worden opgeleverd”.

Voor verschillende andere gemeenten was het al mogelijk te experimenteren met een verplichte EPC-norm van 0,2. Deze wetswijziging gaat echter verder. Door de mogelijkheid te bieden om, vooruitlopend op de systematiek van maatwerkregels onder de Omgevingswet, via de door de gemeenteraad vastgestelde bouwverordening een nog lagere EPC-norm dan 0,2 te kunnen voorschrijven. Maar ook om af te kunnen wijken van de EPC-norm voor andere gebruiksfuncties dan wonen. Met dit experiment wordt de gemeente dan ook in staat gesteld lokale belangen en ervaringen mee te wegen in de beslissing voor welke gebieden of voor welke gebruiksfuncties een strengere EPC haalbaar en gewenst is. Differentiatie tussen gemeenten dus, waar het gaat om energiezuinige normen in de bouw.

Beperkte geldigheidsduur

Het experiment sluit aan bij de in het toekomstige Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) opgenomen maatwerkregel voor een strengere EPC. Reeds voor inwerkingtreding van het Bbl zal het Bbl in navolging van het Bouwbesluit 2012 echter aangepast worden aan de eisen voor Bijna Energie-Neutrale Gebouwen (BENG). Om de BENG-eisen en de EPC-normen uit het experiment niet naast elkaar te laten bestaan, wordt de duur van dit experiment dan ook direct beperkt tot het moment van inwerkingtreding van de BENG-eisen: 1 januari 2020.

Inwerkingtreding

Om ervoor te zorgen dat voor deze gemeenten direct een verlaging van de EPC geldt, wordt afgeweken van de systematiek van vaste verandermomenten en een invoeringstermijn van drie maanden. Na inwerkingtreding van dit besluit kunnen gemeenten bij de aanvraag om een omgevingsvergunning voor bouwen van woningen, direct toetsen of de woning voldoet aan een EPC van 0,2. Immers, enkele gemeenten zijn al begonnen met de procedures die nodig zijn om aan het experiment uitvoering te geven. Zij zullen worden benadeeld wanneer de besluitvorming lang op zich moet laten wachten.

De Kamers hebben nu de mogelijkheid zich uit te spreken over het ontwerpbesluit voordat het aan de Afdeling advisering van de Raad van State zal worden voorgelegd en vervolgens zal worden vastgesteld. Het ontwerpbesluit is in de Staatscourant bekend gemaakt om een ieder de gelegenheid te geven om gedurende vier weken wensen en bedenkingen kenbaar te maken.

Het ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet (17e tranche) is hier te vinden.

Share This