Nu steeds meer mensen gebruik maken van de digitale weg om zo informatie tot zich te nemen, laat de oplage en het bereik van gedrukte media al geruime tijd een afname zien. Het regeerakkoord 2017–2021 onderkende deze trend en stelde al tot doel de overheidscommunicatie die nu nog fysiek plaatsvindt in de toekomst (ook) digitaal mogelijk te maken. Dit streven is per 1 juli jl. daadwerkelijk verankerd met de Wet elektronische publicaties (hierna: Wep), het Besluit en de Regeling elektronische publicaties. De nieuwe wet- en regelgeving verplicht bestuursorganen onder meer om officiële publicaties op een gestandaardiseerde manier online te zetten via de website officielebekendmakingen.nl, zodat burgers op één website alle algemene bekendmakingen, mededelingen en kennisgevingen van de overheid kunnen raadplegen. Doel is hiermee de toegankelijkheid en kenbaarheid van deze publicaties te vergroten, waarna de burger eventuele rechtsmiddelen tijdig kan aanwenden.

Uniformering van een hybride systeem van bekendmaking

De wijzigingen in de wet- en regelgeving zijn in het bijzonder bedoeld voor publicaties van overheidsbesluiten die niet tot één of meer belanghebbenden zijn gericht, zoals beleidsregels, en de kennisgeving van (ontwerp)besluiten in het kader van de openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 Awb, zoals omgevingsvergunningen.

Vóór de Wep golden in de verschillende wetten, onder meer de Provinciewet en de Waterschapswet, sterk uiteenlopende publicatievoorschriften voor deze besluiten, met als gevolg een gefragmenteerde informatievoorziening. Overheidsbesluiten werden deels digitaal en deels fysiek in dag-, nieuws-, of huis-aan-huisbladen gepubliceerd, waarbij bestuursorganen soms een eigen keuze konden maken. Voor bestuursorganen was het daarom vaak niet eenvoudig om op de juiste wijze aan alle verschillende publicatievoorschriften te voldoen. Voor burgers was het op hun beurt niet makkelijk om alle relevante kennisgevingen te achterhalen en daarop indien nodig tijdig te kunnen reageren.

Veel gemeenten, provincies en waterschappen zijn in de afgelopen jaren zelf al met hun tijd meegegaan en hebben publicaties in huis-aan-huisbladen in veel gevallen al beperkt of beëindigd, waarbij zij uitsluitend nog digitaal publiceerden. Voor kennisgevingen in het kader van de openbare voorbereidingsprocedure gold dat deze niet het (ontwerp)besluit zelf ontsloten, maar verwezen naar de plaats waar dit besluit met bijbehorende documenten ter inzage ligt. Over het algemeen moest men daarvoor naar een gemeente- of provinciehuis. Slechts een klein aantal bestuursorganen legde deze stukken (ook) digitaal ter inzage.

De Wep uniformeert deze verschillende wijzen van bekendmaking van besluiten, door de verschillende publicatievoorschriften uit de Bekendmakingswet, de Algemene wet bestuursrecht, de Gemeentewet, de Provinciewet, de Waterschapswet, de Wet gemeenschappelijke regelingen en de Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba per 1 juli jl. te doen vervallen en op te nemen in de Bekendmakingswet. Bestuursorganen zijn vanaf dat moment verplicht om alle officiële publicaties online te zetten via de website www.officielebekendmakingen.nl. Parallel hieraan zijn tal van andere wetten met aanvullende publicatieverplichtingen ten aanzien van overheidsbesluiten aangepast.

Concreet betekent dit dat de burger vanaf afgelopen zomer voortaan via één digitaal platform, overheidsbesluiten die impact hebben op de eigen leefomgeving eenvoudig kan opzoeken en bekijken (en indien gewenst daarop tijdig rechtsmiddelen kan aanwenden of inspraak kan leveren). Het technische formaat, de metadata en de vormgeving van de overheidspublicaties zijn daartoe gestandaardiseerd. Bovendien biedt de website mijnoverheid.nl een attenderingsfunctie waarmee burgers, indien zij dat willen, op de hoogte kunnen raken van publicaties die betrekking hebben op hun buurt. Speciaal voor gebruik op de tablet of de telefoon is de app ‘Over mijn buurt’ ontwikkeld. Hiermee kunnen algemene bekendmakingen, mededelingen en kennisgevingen ook op maat worden gepresenteerd en geattendeerd.

Het ter inzage leggen van documenten in een overheidsgebouw als onderdeel van een kennisgeving is aangevuld met de verplichting om deze documenten ook langs elektronische weg ter beschikking te stellen.

Overgangsperiode

Nu de terinzagelegging van besluiten door decentrale overheden in het verleden over het algemeen fysiek plaatsvond en deze nu, parallel daaraan, moet worden gedigitaliseerd, is het van belang dat decentrale overheden voldoende tijd hebben om te kunnen waarborgen dat de elektronische terinzagelegging zorgvuldig tot stand kan komen. Het nieuwe artikel 23 van de Bekendmakingswet regelt voor decentrale overheden dan ook een opschorting van de elektronische terinzageleggingsplicht zoals opgenomen in artikel 13.1. Pas wanneer een gemeente, provincie of waterschap de procedure voor de elektronische terinzagelegging goed op orde heeft en zorgvuldig heeft voorbereid, geldt artikel 13 Bekendmakingwet onverkort. In overleg met de betrokken overheden wordt de datum bepaald waarop elektronische terinzagelegging daadwerkelijk een verplichting wordt. Daarbij wordt door het kabinet gedacht aan een overgangsperiode van een jaar.

Ruimtelijke plannen

De afwijkende bepaling dat ruimtelijke plannen in de Staatscourant moeten worden gepubliceerd (art. 3.8 Wro), is met invoering van de Wep vervallen.

In de Memorie van Toelichting bij de Wep (Kamerstukken II 2018/19, 35.218, nr. 3, p. 24, onder het kopje ‘4.9 Decentrale overheden publiceren in hun eigen publicatieblad)’ staat vermeld:

“In sommige gevallen moeten decentrale overheden nu (ook) kennisgevingen doen in de Staatscourant. Dit geldt bijvoorbeeld voor (ontwerp)bestemmingsplannen (artikel 3.8, eerste lid, aanhef en onder a, Wro) en verkeersbesluiten (artikel 26 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer; BABW). De achtergrond hiervan is dat dergelijke kennisgevingen ook buiten het rechtsgebied van de betrokken lokale overheid van belang kunnen zijn. Nu alle publicatiebladen gezamenlijk kunnen worden doorzocht en attendering kan plaatsvinden op basis van de locatie waarop een besluit betrekking heeft ongeacht welk bestuursorgaan bij dit besluit betrokken is, kan in beginsel worden volstaan met kennisgeving in het publicatieblad van het betreffende bestuursorgaan. In het kader van de aanpassing van andere wetten is bezien waar hiervan afwijkende publicatieverplichtingen kunnen worden geschrapt.”

Op p. 31 (onder het kopje ‘6.3 Invoeringswet Omgevingswet) staat vervolgens:

“Ruimtelijke plannen zullen pas vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet als onderdeel van de nieuwe omgevingsplannen op deze wijze in de officiële publicatiebladen worden opgenomen. Tot dat moment zal de bekendmaking van ruimtelijke plannen op de huidige wijze moeten blijven plaatsvinden. Daartoe worden deze besluiten – zolang de bestaande bepalingen van de Wro nog gelden – vooralsnog uitgezonderd van de verplichting om alle besluiten die niet tot één of meer belanghebbenden zijn gericht in de officiële publicatiebladen bekend te maken. Wel zullen dan de kennisgevingen van de bekendmaking van deze besluiten geschieden via de publicatiebladen van de Bekendmakingswet.”

Onder ‘de publicatiebladen van de Bekendmakingswet’ valt niet de Staatscourant, ook al komt de Staatscourant wel in de Bekendmakingwet voor. De passage uit de MvT doelt op de publicatiebladen genoemd in art 2, eerste t/m vijfde lid van de Bekendmakingwet: onder meer het provinciaal blad, het gemeenteblad en het waterschapsblad.

Kortom, bekendmaking van bestemmingsplannen geschiedt sinds 1 juli jl. via het gemeenteblad. De verplichting uit de Wro om via de Staatscourant bekend te maken is er sindsdien niet meer.

De Bekendmakingswet is op basis van de Wep aangepast, evenals de Awb en Wro.

Zie bijvoorbeeld het huidige art. 3:42 van de Awb:

Artikel 3:42

De bekendmaking van besluiten die niet tot een of meer belanghebbenden zijn gericht, geschiedt op de in de artikelen 5 onderscheidenlijk 6 van de Bekendmakingswet bepaalde wijze.

In dat kader bepaalt artikel 6 van de Bekendmakingswet:

Artikel 6

Algemeen verbindende voorschriften, beleidsregels en andere besluiten die niet tot een of meer belanghebbenden zijn gericht, vastgesteld door een bestuursorgaan dat behoort tot een van de in artikel 2, eerste tot en met vierde lid, genoemde openbare lichamen, of de in artikel 2, vijfde lid, genoemde openbare lichamen, bedrijfsvoeringsorganisaties en gemeenschappelijke organen, worden bekendgemaakt door plaatsing in het door dat openbaar lichaam, die bedrijfsvoeringsorganisatie of dat gemeenschappelijke orgaan uitgegeven publicatieblad.

Uit artikel 3.8 lid 1 onder a van de Wro is de bekendmaking via de Staatscourant geschrapt.

De nieuwe wijze van bekendmaking laat zich als vanzelf al regelen via de applicatie DROP, het systeem om regelingen en bekendmakingen te publiceren. Op het moment dat daarin wordt aangegeven een ruimtelijk plan te willen publiceren, zal de enige mogelijkheid zijn om te publiceren in het gemeenteblad.

Raadpleeg hier de Memorie van toelichting bij de wijziging van de Bekendmakingswet en andere wetten in verband met de elektronische publicatie van algemene bekendmakingen, mededelingen en kennisgevingen (Wet elektronische publicaties).

Share This