city-planning1De gemeenten Alphen aan den Rijn en Boekel hebben de primeur. Zij hebben op 28 januari jl. een ontwerp- respectievelijk voorontwerp-omgevingsplan ter inzage gelegd, vooruitlopend op de Omgevingswet. De Omgevingswet treedt naar verwachting in 2018 in werking en stelt het omgevingsplan verplicht. De gemeenten draaien mee in een pilot in het kader van de Crisis- en herstelwet, om te experimenteren met het nieuwe instrument.

Wat is een omgevingsplan?

Het omgevingsplan is een van de kerninstrumenten van de nieuwe Omgevingswet. Per gemeente wordt één omgevingsplan vastgesteld, dat alle gemeentelijke bestemmingsplannen maar ook een groot aantal verordeningen gaat vervangen. In bestemmingsplannen staat een goede ruimtelijke ordening centraal. Het omgevingsplan heeft een bredere reikwijdte dan het bestemmingsplan en bevat regels over de gehele fysieke leefomgeving. Hieronder moet in elk geval worden verstaan: bouwwerken, infrastructuur, watersystemen, water, bodem, lucht, landschappen, natuur, werelderfgoed en cultureel erfgoed (art. 1.2 lid 2 Omgevingswet).

Het omgevingsplan kent aan alle locaties binnen het grondgebied van de gemeente functies toe en regelt op welke wijze en onder welke voorwaarden deze functies ter plaatse kunnen worden uitgeoefend. Naast de toekenning van functies aan locaties vanuit een planologisch perspectief, kan de toedeling van functies ook vanuit andere motieven binnen de zorg van de fysieke leefomgeving wenselijk zijn. Te denken valt bijvoorbeeld aan het toedelen van de functie van gemeentelijk monument aan cultuurhistorisch waardevolle gebouwen en daaraan de regel te verbinden dat deze monumenten niet gesloopt, verplaatst of gewijzigd mogen worden.

In het omgevingsplan worden dus ook regels geïntegreerd die voorheen bij of krachtens verordening waren geregeld. Zo kunnen er regels worden opgenomen over evenemententerreinen, monumenten, terrassen, markt, lig-, parkeer- en standplaatsen, het inzamelen en aanbieden van afvalstoffen en de afvoer van hemel- en grondwater. Ook regels op het gebied van milieu kunnen in het omgevingsplan worden geïntegreerd.

Het idee is dat straks met één muisklik een overzicht kan worden gegeven van alle van toepassing zijnde regelgeving op een bepaald perceel. Er zijn overigens geen afspraken gemaakt over de vorm van het omgevingsplan. Dat blijkt ook wel als je de grote verschillen ziet tussen de nu ter inzage gelegde (voor)ontwerpplannen. We nemen in dit blog in het kort de hoofdzaken van de plannen onder de loep.

Ontwerp-omgevingsplan gemeente Alphen aan den Rijn

Het ontwerp-omgevingsplan “Rijnhaven Oost” heeft niet betrekking op het gehele gemeentelijk grondgebied, maar ziet specifiek op het Rijnhavengebied. De gemeente heeft de ambitie om het voormalige havengebied te transformeren tot een woon-, werk- en recreatiegebied. Het ontwerp-omgevingsplan heeft daar slechts 17 artikelen voor nodig.

Na een verwijzing naar de begripsbepalingen in de bijlage bij het omgevingsplan, worden allereerst de doelstellingen van het plan gegeven. Zo wordt ingevolge artikel 2 lid 2 van de planregels beoogd om “een flexibele transformatie naar een intensief stedelijk en duurzaam woon- werk- en recreatiegebied mogelijk te maken, waarbij een veilige en gezonde fysieke leefomgeving wordt bereikt en in stand gehouden en het openbaar gebied een hoge sociale belevingswaarde kent”. Vervolgens wordt aangegeven welke activiteiten allemaal mogelijk zijn onder de functie transformatie. Die zijn divers. Denk aan wonen, het exploiteren van een bedrijf of winkel, het verlenen van diensten, maar ook horeca, cultuur en ontspanning, recreatie en sport.

Het omgevingsplan geeft emissienormen voor het verrichten van activiteiten. Zo gelden er regels voor geluid, geur en gevaar. Sommige activiteiten zijn aangemerkt als vergunningplichtig, andere activiteiten zijn meldingplichtig en weer andere activiteiten zijn melding- en vergunningvrij. Ook voorziet het plan in een zorgplicht, een gedoogplicht en de mogelijkheid om maatwerkvoorschriften op te leggen. Anders dan thans in het bestemmingsplan mogelijk is, geeft het ontwerp-omgevingsplan een tweetal gebodsbepalingen. Interessant om te zien is ook dat de uitleg van een aantal normen in het omgevingsplan afhankelijk is gemaakt van een bij het omgevingsplan behorende beleidsregel, die na vaststelling van het plan kan wijzigen. Bij de beoordeling van een aanvraag om omgevingsvergunning geldt de uitleg van de beleidsregel zoals die op het moment van de beslissing op de aanvraag geldt. Het omgevingsplan biedt voorts de mogelijkheid om, in afwijking van artikel 6.12 van de Wro, een exploitatieplan vast te stellen bij een omgevingsvergunning voor bouwen.

Voorontwerp omgevingsplan gemeente Boekel

De gemeente Boekel pakt het anders aan. Het voorontwerp-omgevingsplan “Buitengebied 2016” bevat in totaal 92 artikelen. Het plan beschrijft na de bekende begrips- en wijze van meten-bepalingen, per functie welk gebruik toelaatbaar en verboden is. Er worden vier hoofdfuncties onderscheiden: woonwerklandschap, beekdal, agrarische landschap en bosrijke ontginningen. Daarbij wordt steeds per functie beschreven voor welke veranderingen een melding dan wel een omgevingsvergunning is vereist. Het plan bevat afzonderlijke ‘modulen’ voor bouwen, cultuurhistorie, evenementen, natuur- en landschapswaarden (waaronder bomen en houtopstanden) en vee- en paardenhouderijen.

In laatstgenoemde module zijn de regels uit de Verordening Ruimte 2014 op het gebied van geur, fijn stof en de zorgvuldigheidsscore overgenomen. Daarnaast zijn op bedrijfsniveau ammoniak- en geuremissieplafonds vastgelegd. Anders dan thans met een bestemmingsplan mogelijk is, geeft het plan het college van B&W de mogelijkheid om een omgevingsvergunning voor een veehouderij te weigeren indien verlening van de vergunning (mogelijk) tot ernstige nadelige gevolgen voor de gezondheid zou leiden. Alvorens toepassing te geven aan deze bevoegdheid, die gebaseerd is op het voorzorgsbeginsel, dient het college advies te vragen aan de GGD.

Experiment Crisis- en herstelwet: bestemmingsplan met bredere reikwijdte

Het ministerie van Infrastructuur en Milieu kan bij wijze van experiment gebieden aanwijzen waarvoor bestemmingsplannen met een bredere reikwijdte kunnen worden vastgesteld dan momenteel mogelijk is. De grondslag hiervoor is artikel 1.2 van de Crisis- en herstelwet jo. 7c lid 13 van het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet. Met de experimenten wordt vooruitgelopen op de beoogde verbreding van het bestemmingsplan tot een omgevingsplan onder de Omgevingswet. Het gebied Rijnhaven Oost is als experimenteergebied in voornoemde zin aangewezen bij besluit van 14 augustus 2015 (Stb. 2015, 32). De gronden in de gemeente Boekel zijn aangewezen als experimenteergebied in het voorstel voor de 11e tranche van de Crisis- en herstelwet (Stc. 2015, 17190). Deze tranche is nog niet in werking getreden.

Bronnen:

Ontwerp-omgevingsplan Alphen aan den Rijn

Voorontwerp omgevingsplan Boekel

Stb. 2015, 32

Stc. 2015, 17190

Share This