oiXdGPkOp 28 september heeft de Afdeling een interessante uitspraak gedaan over de verklaring van geen bedenking. In de uitspraak wordt een appellant niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep ten aanzien van het besluitonderdeel flora en fauna van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder e van de Wabo, omdat hij geen zienswijze had ingediend ten aanzien van de verleende verklaring van geen bedenking. De Afdeling oordeelt dat de voor het onderdeel flora en fauna vereiste verklaring van geen bedenking dient te worden aangemerkt als afzonderlijk besluitonderdeel.

Uit artikel 6:13 Awb blijkt dat alleen beroep bij de bestuursrechter kan worden ingesteld door een belanghebbende die zienswijzen naar voren heeft gebracht. Het is vaste jurisprudentie van de Afdeling dat hieruit volgt dat alleen beroep kan worden ingesteld tegen de besluitonderdelen die in de zienswijze zijn besproken. Ten aanzien van de omgevingsvergunning heeft de Afdeling in de uitspraak van 9 maart 2011, nr. 201006983/1/M2, geoordeeld dat het in de rede ligt om voor de toepassing van artikel 6:13 Awb elk van de in de artikelen 2.1 en 2.2 van de Wabo bedoelde toestemmingen die in een omgevingsvergunning zijn opgenomen, als besluitonderdeel op te vatten.

In de onderhavige procedure was sprake van een dergelijk omgevingsvergunning, waarbij meerdere toestemmingen in dezelfde omgevingsvergunning zijn vervat. Er was onder andere een toestemming nodig voor het overtreden van de verbodsbepalingen in de Flora- en faunawet. Als deze handelingen op zichzelf zouden staan, is daarvoor een ontheffing op grond van artikel 75 Ffw vereist. Nu ook een omgevingsvergunning voor het oprichten, veranderen of inwerking hebben van een inrichting was vereist,  is geen sprake van een afzonderlijke toestemming op grond van de Flora- en faunawet, maar wordt aangehaakt bij de omgevingsvergunning en is een verklaring van geen bedenking vereist van het bevoegd gezag voor het verlenen van een ontheffing op grond van artikel 75 van de Flora- en faunawet. De Afdeling oordeelt dat de verklaring van geen bedenking in dit geval moet worden aangemerkt als een voor de omgevingsvergunning vereiste toestemming. De verklaring van geen bedenking moet hiermee als afzonderlijk besluitonderdeel worden gezien. Omdat appellant geen zienswijze heeft gericht tegen de verklaring van geen bedenking voor het onderdeel flora en fauna, is hij in beroep terecht niet ontvankelijk verklaard ten aanzien van dit besluitonderdeel.

Met deze uitspraak verduidelijkt de Afdeling de al bestaande jurisprudentie over de onderdelenfuik. Als in de bestuurlijke fase geen zienswijzen zijn gericht tegen de verklaring van geen bedenking die ten aanzien van de Flora- en faunawet of de Natuurbeschermingswet is verleend, staat de juistheid van die verklaring van geen bedenking in rechte vast. Dit onderdeel kan in beroep niet meer ter sprake komen.

Share This