Terrasterreur? Bij de vraag of een terras al dan niet uitgebreid mag worden, kijkt het bevoegd gezag met name naar eventuele aantasting van het woon- en leefklimaat in de omgeving van het terras. Voor het oordeel dat een terras(uitbreiding) daarop een onaanvaardbare inbreuk zal maken, moet sprake zijn van gerechtvaardigde vrees voor aantasting. Bovendien zal er van uit moeten worden gegaan dat het terras aan de gestelde milieunormen voldoet. Dit bevestigt de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) in haar uitspraak van 8 augustus 2018.

Waar ging de zaak over?

In het dorp Ittervoort in Midden-Limburg is bakkerij, lunchroom en ijssalon Het Soete Huys gevestigd. De eigenaar van de inrichting heeft de wens haar bijbehorende onoverdekte en onverwarmde terras uit te breiden. De burgemeester van de gemeente Leudal, waar het dorp deel van uitmaakt, verleent haar voor het uitbreiden van het terras aan de zij- en achterkant van de inrichting een exploitatievergunning. Een logopediste, die een praktijk heeft naast Het Soete Huys, vreest overlast van het terras, maakt bezwaar en stapt naar rechtbank en Afdeling.

Daar voert zij aan dat de behandeling van haar cliënten geluidhinder zal ondervinden door arriverende en vertrekkende bezoekers van het terras en stemgeluiden vanaf het terras. Daar komt bij dat jeugdige terrasbezoekers gebruik zullen maken van speeltoestellen in de aangrenzende achtertuin van Het Soete Huys, wat tot het nodige gerucht zal leiden in de altijd zo rustige woonwijk. Ook de mogelijkheid van verstoring van de avondrust is door de ruime openingstijden van de inrichting reëel en bovendien zullen fietsen en scooters door de beperkte stallingsruimte in de openbare ruimte worden geplaatst. De burgemeester heeft ten onrechte geen onderzoek verricht naar de te verwachten toename van de geluidbelasting en ook niet naar de te verwachten toenemende parkeerdruk.

Oordeel Afdeling

De Afdeling laat zich niet overtuigen door dit betoog. Daarbij merkt zij allereerst op dat, nu de exploitatievergunning geen betrekking heeft op de tuin en de daar aanwezige speeltoestellen, eventuele geluidsoverlast van spelende kinderen op de toestellen buiten de omvang van de beoordeling van de gevraagde exploitatievergunning valt.

Waar het gaat om het verlenen van de gewijzigde exploitatievergunning overweegt de Afdeling als volgt. Ingevolge artikel 2.18, lid 1, aanhef en onder a, van het Activiteitenbesluit milieubeheer, dient het stemgeluid van bezoekers van een terras niet betrokken te worden bij de berekening van de totale geluidsproductie van dat terras. Slechts indien er sprake is van een verwarmd of volledig overdekt terras, of van een terras gelegen op een zogenaamd binnenterrein, mag het stemgeluid van bezoekers worden betrokken bij de geluidsproductie en kan eventuele geluidsoverlast een overweging zijn bij het wel of niet verlenen van een vergunning.

Reeds in eerdere jurisprudentie, onder meer in een uitspraak van 29 september 2010, heeft de Afdeling benadrukt dat het inrichtinggebonden geluid afkomstig van een terras uitsluitend gereguleerd wordt door het Activiteitenbesluit milieubeheer. Dat betekent concreet dat de burgemeester niet bevoegd is in het kader van de exploitatievergunning regels te stellen inzake de toelaatbaarheid van het niveau van dat geluid. Bij de besluitvorming omtrent de aanvraag van een vergunning voor de exploitatie van een terras is het toegelaten geluidniveau dan ook een gegeven. Er zal van uit moeten worden gegaan dat het terras aan de gestelde milieunormen voldoet. De burgemeester hoefde bij het verlenen van de gewijzigde exploitatievergunning aan de eigenaar van Het Soete Huys dan ook niet te onderzoeken of het geluid dat mogelijk op het terras wordt geproduceerd binnen de toegelaten grenzen valt.

Dit laat echter onverlet dat de burgemeester bij het nemen van een besluit op een aanvraag om een exploitatievergunning moet afwegen of een terras op de beoogde locatie inbreuk maakt op de te beschermen woon- en verblijfskwaliteit van die locatie of het gebied waartoe die locatie behoort. De burgemeester betrekt bij die afweging het karakter van de omgeving waar het terras moet worden gevestigd, evenals de uitstraling van het terras in zijn totaliteit op die omgeving. Het geluid, voor zover dit valt binnen de volgens de milieuwetgeving gestelde normen, maakt deel uit van die uitstraling van een terras in zijn totaliteit op de omgeving en moet daarom in aanmerking worden genomen bij de te verrichten beoordeling of de kwaliteit van het woon- en leefklimaat door het vergunnen van het terras niet te zeer wordt aangetast.

De Afdeling vindt dat de burgemeester zich op het standpunt heeft kunnen stellen dat een terras in de dorpskern van Ittervoort geoorloofd is. Er valt weinig overlast te verwachten van het terras, waar geen alcohol geschonken mag worden. Bovendien is geen parkeeroverlast te verwachten door het terras.

Belang voor de praktijk

Kortom, de burgemeester hoeft bij het verlenen van de gewijzigde exploitatievergunning voor een uitbreiding van een terras niet te onderzoeken of het geluid dat mogelijk op het terras wordt geproduceerd binnen de toegelaten grenzen valt. Geluid is echter wel onderdeel van de uitstraling van het terras op de omgeving en moet daarom meegenomen worden in de beoordeling of de woon- en leefsituatie in de omgeving van het horecabedrijf door het vergunnen van het terras niet op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed.

Raadpleeg hier de volledige uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Share This