ncieldyIn mei 2016 heeft minister Schultz van Haegen van het ministerie van Infrastructuur en Milieu (I&M) twee brieven gestuurd aan de Tweede Kamer die betrekking hadden op de Omgevingswet. In de brief van 19 mei 2016 gaat de minister in op het wetsvoorstel Invoeringswet Omgevingswet. In de brief van 25 mei 2016 gaat de minister nader in op de voortgang van de trajecten en de implementatie van de Omgevingswet. Naar aanleiding van deze brieven hebben de leden van de vaste commissie voor Infrastructuur, Milieu en Ruimtelijke Ordening van de Eerste Kamer op 26 juli 2016 schriftelijk vragen gesteld aan de minister. De minister heeft vervolgens per brief op 8 september 2016 gereageerd op deze vragen.

De vragen die zijn beantwoord waren afkomstig van: CDA, SP, PvdA, Groen Links en Christen Unie. In de brief gaat de minister in op verschillende onderwerpen. Aan de volgende twee onderwerpen besteedt de minister echter bijzonder veel aandacht:

Schade

In de Omgevingswet is hoofdstuk 15 gereserveerd voor schade. De Invoeringswet zal dit hoofdstuk onder andere invulling gaan geven. Hoofdstuk 15 zal onder meer een afdeling bevatten over wat nu planschade en nadeelcompensatie wordt genoemd. In de brief van 8 september gaat de minister onder meer in op de verhoging van het forfait van 2% (zie artikel 6.2 lid 2 Wet ruimtelijke ordening) naar 5%.

Digitalisering

Naar aanleiding van het amendement Smaling zijn de regels omtrent informatievoorziening in de Omgevingswet aangevuld met een bepaling over een digitaal stelsel voor de informatievoorziening over de fysieke leefomgeving (artikel 20.20). De Invoeringswet zal dit artikel nader invulling geven. De minister gaat in de brief van 8 september mede in op het ambitieniveau en de inwerkingtreding van het nieuwe stelsel.

Verslag van het schriftelijk overleg

De brief van de minister gaat daarnaast onder andere in op vragen die betrekking hebben op de Omgevingsvisie en het Omgevingsplan. Voor nadere informatie over de brief van 8 september 2016 kan het schriftelijk verslag van de vragen van de Eerste Kamer en de antwoorden van de minister worden geraadpleegd op:

Kamerstukken I 2015/16, 33 118, nr. D – Verslag van een schriftelijk overleg – 9 september 2016.

 

Share This