Alle berichten van: Sara van Winzum


Coördinatie onder de Omgevingswet: wanneer en hoe?

Coördinatie onder de Omgevingswet: wanneer en hoe?

Voor de realisatie van een project zijn vaak meerdere besluiten nodig. In zulke gevallen kan ervoor worden gekozen de benodigde besluiten te coördineren. Dit zorgt voor een gestroomlijnde procedure, waarin de verschillende aanvragen zoveel mogelijk gelijktijdig worden behandeld en er zoveel mogelijk gelijktijdig op wordt beslist. Zo is er de gemeentelijke, provinciale en rijkscoördinatieregeling uit de Wet op de ruimtelijke ordening (Wro), de coördinatieregeling uit de Waterwet en de coördinatieregeling uit de Tracéwet. Onder de Omgevingswet verdwijnen bijna alle bestaande coördinatieregelingen. Er blijft er slechts één over: de coördinatieregeling uit afdeling 3.5 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Een coördinatieregeling die al sinds enige tijd bestaat, maar in de praktijk niet zo populair is. In het zevende deel van deze blogreeks staan wij stil bij deze coördinatieregeling. Wij bespreken wanneer de coördinatieregeling onder de Omgevingswet van toepassing is en wat deze inhoudt. (meer…)

Ook een toezegging onder voorbehoud kan gerechtvaardigd vertrouwen opleveren

Ook een toezegging onder voorbehoud kan gerechtvaardigd vertrouwen opleveren

Sinds de conclusie van advocaat-generaal Wattel van 20 maart 2019 is de invulling van het vertrouwensbeginsel bijgestuurd. Het burgerperspectief staat meer centraal. Maar wat betekent dit concreet? In dit blogbericht bespreken wij de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) van 7 oktober 2020, waaruit blijkt dat ook een toezegging onder voorbehoud gerechtvaardigd vertrouwen kan opleveren. (meer…)

Verspreiding historische verontreiniging: zorgplicht van toepassing?

Verspreiding historische verontreiniging: zorgplicht van toepassing?

In de Wet bodembescherming is in artikel 13 de zorgplicht neergelegd. In het geval er een bodemverontreiniging optreedt, verplicht dit artikel tot het nemen van alle maatregelen die redelijkerwijs kunnen worden gevergd om de verontreiniging zoveel mogelijk ongedaan te maken. In een uitspraak van 4 maart jl. deed zich de vraag voor of sprake was van een nieuw geval van bodemverontreiniging waarop de zorgplicht wel, of een historische bodemverontreiniging waarop de zorgplicht niet van toepassing is. (meer…)

Geuroverlast door mest verontreinigd met drugsafval: spoedeisende bestuursdwang en kostenverhaal gerechtvaardigd

Geuroverlast door mest verontreinigd met drugsafval: spoedeisende bestuursdwang en kostenverhaal gerechtvaardigd

Drugsafval is een actueel probleem. De vraag wie bij drugsafvaldumpingen als overtreder kan worden aangemerkt ligt met regelmaat ter beoordeling bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) voor. De achterliggende vraag hierbij is wie voor de bestuursdwangskosten moet instaan. Alleen op de overtreder kunnen namelijk (in beginsel) de kosten die bij bestuursdwang komen kijken worden verhaald. Eerder dit jaar oordeelde de Afdeling dat een grondeigenaar geen overtreding begaat, indien hij niet wist of redelijkerwijs niet kon weten van het drugsafval. Dat een beroep op deze uitspraak niet voor elke eigenaar uitkomst biedt, blijkt uit een uitspraak van de Afdeling van 30 oktober 2019. (meer…)

Beslissen op verzoek tot opheffing last onder dwangsom: geen verplichte inwilliging, maar let op de motivering!

Beslissen op verzoek tot opheffing last onder dwangsom: geen verplichte inwilliging, maar let op de motivering!

Een bestuursorgaan kan een last onder dwangsom voor onbepaalde tijd opleggen. Het is goed voor te stellen dat dit in sommige gevallen erg bezwarend is voor degene(n) waartegen de last zich richt. De regeling in artikel 5:34, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan dan uitkomst bieden. Wanneer de beschikking tot het opleggen van de last een jaar van kracht is geweest zonder dat deze is verbeurd, kan het bestuursorgaan de last op verzoek van de overtreder(s) opheffen. Daarbij heeft het bestuursorgaan veel beslissingsvrijheid. Dat dit niet betekent dat elk besluit tot afwijzing van een dusdanig verzoek in stand kan blijven, blijkt uit een uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) van 12 december 2018. (meer…)